Verdwijnen en verschijnen

Een poëtisch-muzikaal scenario

Teksten:

Plato: uit ‘Phaidoon’
Weishaupt: ‘Verdwijnen en verschijnen’

Muziek:

Bach: suite voor cello-solo in G Gr.t
Berio: Les mots sont alleés
Regie: Olaf Bockemühl

euritmie‘Je zou steeds ‘bravo’ willen roepen want door het gedifferentieerde, levendige en natuurlijke fijne stemgebruik, door de gebaren en het spel van de lichamen worden de achterliggende gedachte en de diepere zin ervaarbaar.’
‘Gia van den Akker luistert met ingehouden mimiek en gestiek. Eigenlijk acteert ze niet, ze houdt haar spel terug voor zover ze het publiek vertegenwoordigt. Dat verhoogt de spanning. Je ziet jezelf alsof je je samen met haar op het toneel bevindt…
… Het begrip ‘dans’ schiet te kort, is te grof. Dit is geen inscenering van naast elkaar lopende indrukken, dit is de schepping van een imaginatie die in beweging is…
 Bezielde lichamelijke gebaren als werktuig en vormgeving van levendige processen en samenhangen…
… Luciano Berio’s cellosolo uit 1979 ontplooit een enorme dynamiek en dramatiek.
In de euritmie zie je een ontwikkeling van een schuchter oprichten en proberen grond onder de voeten te krijgen, via een voorzichtig glijdende stap die uitmondt in een wilde wervel met snelle wijde sprongen’

Helmuth Kohlhepp